logotype

.

Organisatie


Samenstelling
De infanterie afdeling van het Staatse leger bestond uit regimenten te voet. Een kolonel had het commando over zo'n regiment dat 5 tot 20 compagniën voetvolk bevatte. Aan het hoofd van elke compagnie stond een kapitein. 


Een compagnie voetvolk kon de volgende samenstelling hebben:
• 1 Kapitein
• 1 Luitenant
• 1 Vaandrig
• 2 Sergeanten
• 3 Rotmeesters
• 2 Trommelslagers
• 1 Schrijver
• 1 Barbier
• 1 Provoost
• 1 Adelborst over de wapenen
• 39 Piekeniers
• 58 Musketiers
• 3 Jongens
-------------------------------
114 Totaal

Klik op het plaatje om te kijken hoe dit eruit kan zien.

compagnie_te_voet_5x6.png

Een ander woord om een compagnie aan te duiden was "vaandel" verwijzend naar het vaandel dat de vaandrig bij zich droeg en het hart van de compagnie vormde. In sommige gevallen werden meerdere vaandels samengevoegd tot een groot geheel.

Werving: als een kolonel de opdracht kreeg om een regiment te formeren, benoemde hij enkele vooraanstaande heren die zeer bekwaam waren in de krijgskunst tot kapitein.
Deze kapiteins stuurden sergeanten, dikwijls vergezeld door een tromslager om aandacht te trekken naar plekken waar zich naar alle waarschijnlijkheid mensen begaven die oor hadden naar een plek in de compagnie. 

Korte gedrongen mannen genoten de voorkeur tot musketier.
Grote sterke kerels waren piekeniers bij uitstek. De aspiranten kregen reisgeld mee, vulden een papier in met hun naam, geboorteplaats en uitrusting stukken die ze reeds bezaten. En werden op een zekere datum verwacht op de plek waar het nieuwe regiment geformeerd werd.

Op die datum en plek werden de aspiranten ontvangen, de uitrusting die ze mee brachten werd zonodig aangevuld. De compagniën werden geformeerd en vaandels werden uitgereikt. Het regiment was geboren.

 

 

terug

2017  MARS The Dutch Revolt  globbers joomla templates