Wat deden Staatse soldaten als ze niet keihard aan het vechten waren voor de goede zaak, of aan het oefenen. Dan kun je natuurlijk gewoon een beetje kletsen en wat rond lummelen.

Dat zullen ze in de zeventiende eeuw ook gedaan hebben. Verder kun je een spel spelen, zoals bijvoorbeeld trictrac, kaarten of dobbelen. Deze spellen werden veel gedaan, vooral omdat je het om geld kunt doen. Maar wat ze ook graag deden in de zeventiende eeuw, is roken en drinken. Het drinken van alcohol is iets wat in de zeventiende eeuw veel en vaak gedaan werd. Er zijn diverse verslagen van buitenlanders die zich er over verbazen hoezeer alcohol verweven was met het maatschappelijk leven in de republiek. En niet alleen bij feesten of in de kroeg. te pas en te onpas werd er bier of wijn tevoorschijn getoverd en werd er onmatig gedronken. Het drinken van bier was sowieso veel gebruikelijker dan tegenwoordig, omdat de kwaliteit van het drinkwater niet altijd even goed was. Bier wordt tijdens het brouwen tenminste gekookt, waardoor het een stuk veiliger is. Overdag werd er voornamelijk scharrebier  of dunbier gedronken (door iedereen, ook kinderen). Een bier gemaakt van de gefilterde restanten van het brouwproces, dat minder lang houdbaar was, en veel lager in smaak en alcoholpercentage was dan de zwaardere bieren. Maar ondanks dat werd er veel en met overgave gedronken. Voor de wat hogere sociale klassen was er naast bier, een keur aan geïmporteerde wijnen beschikbaar. Er waren speciale glazen voor drankspelletjes, waarbij het er altijd op neer komt dat je meer drinkt dan goed voor je is.

Roken
Samen drinken

Naast drinken was er sinds het eind van de zestiende eeuw iets nieuws uit Engeland overgewaaid. Het zogenaamde ‘toeback suyghen’. Engelse soldaten in dienst van de republiek en zeelieden hadden het roken van tabak geïntroduceerd in de republiek. Aanvankelijk met uit Engeland geïmporteerde pijpjes van klei, maar al gauw ontstond er op diverse plekken, met name in Gouda, een kleipijpen industrie.

Het werd een populaire bezigheid, met net als nu, felle voor én tegenstanders. Zowel Prins Maurits als Piet Hein waren verklaard anti roken, maar het kwaad was al geschied. De kerk was verdeeld en de staten van Holland voerden in 1623 een accijns in op tabak. Toen was het ingeburgerd. Op veel schilderijen, vooral op kroegtaferelen, zie je mannen (en vrouwen) met een kleipijpje in de hand. De tabak werd in papiertjes gevouwen verhandeld. En op tafel stonden zogenaamde vuurtesten om je pijp mee aan te steken, en om ze in leeg te kloppen.

Naast gokken, roken, en drinken, was er ook onschuldiger vermaak. Er werd ook veel gezongen. Vooral samen zingen was populair. Er was een keur aan liedboeken te krijgen die gretig aftrek vonden, zodat de nieuwste teksten, veelal op bestaande melodieën, gezongen konden worden. Er waren allerlei liederen, Natuurlijk de strijdliederen van de rebellerende republiek, overwinningsliederen om stil te staan bij gewonnen veldslagen of belegeringen. Er waren liefdesliedjes, met of zonder ondeugende en dubbelzinnige verwijzingen, maar ook een keur aan godsvruchtige psalmen waren voorhanden om samen te zingen. En van samen zingen is de stap maar klein naar samen dansen. Als er muziek voorhanden was, kon er gedanst worden. Er waren doedelzakken, violen, luiten en fluiten. En voor je het wist was het feest.

Muziek
Ontspanning